| ◄▬ | Afdoen op stelplicht - varianten | ▬► |
| Afdoen op stelplicht | 2006 Huydecoper | 2012 Asser |
| 2016 De Bock | 2018 Van der Kraats | 2021 De Haan |
| 2021 De Bock | Hof Den Bosch (1) | Hof Den Bosch (2) |
| Varianten | Hof Arnhem-Leeuwarden | Hof Den Bosch |
| De nieuwe grief | De draaipoort zaak |
Een variant op het 'afdoen op stelplicht' is deze dat de rechter aan een essentiële stelling de essentie ervan ontneemt en vervolgens deze 'uitgeklede' stelling verwerpt.
Zowel het hof Arnhem-Leeuwarden als het verwijzingshof Den Bosch hebben deze 'kunstgreep' toegepast, telkens voor wat betreft de essentiële stelling dat het ging om het gebrek van het Miragel materiaal en niet slechts om een gebrek van de in juli 1992 toegepaste Miragel plombe zelf.
Bij het hof Arnhem-Leeuwarden ging het niet zozeer om een essentiële stelling als wel om een essentiële vraagstelling.
Het artikel van Marin ea van januari 1992 ging over de lange termijn complicaties die waren geconstateerd bij de intrascleraal geplaatste MAI plombe. Die was vervaardigd uit de hydrogelsoort MAI. Dit MAI prototype is onder de naam MIRAgel in de handel gabracht. In de literatuur werd gesproken over het MAI/MIRAgel materiaal. De complicaties werden veroorzaakt door een gebrek van het MIRAgel materiaal, zo blijkt onder meer uit het artikel van Crama en Klevering 2016 en noot 2:
Despite these potential advantages, after several years a serious flaw was discovered in the material. Specifically, hydrolytic degradation of the MIRAgel material causes progressive swelling of the explant, which can lead to strabismus, ptosis, scleral erosion, conjunctivitis, and infection around the buckle; in addition, significant cosmetic problems also can arise.2-8
Nt.2 Marin JF, Tolentino FI, Refojo MF, Schepens CL. Long-term complications of the MAI hydrogel intrascleral buckling implant. Arch Ophthalmol 1992;110:86–8.
Dit gebrek was dus al kenbaar uit het artikel van Marin ea van januari 1992,
De op 6 juli 1992 bij mij toegepaste Miragel plombe was episcleraal geplaatst. Pas in september 1997 bleek uit het artikel van Hwang ea dat deze lange termijn complicaties ook optraden bij de episcleraal toegepaste Miragel plombe.
In het hoger beroep bij het hof Arnhem-Leeuwarden ging het om de kenbaarheid in juli 1992 van de mogelijkheid van die lange termijn complicaties.
In verwijzing na cassatie bij het hof Den Bosch stond centraal de vraag of de in juli 1992 toegepaste Miragel plombe toen al dan niet 'state of the art' was.
Het maakt in beide gevallen een wezenlijk verschil of uitsluitend gekeken wordt naar de Miragel plombe zelf, waarvan de complicaties pas in september 1997 (Hwang ea) werden beschreven, dan wel naar het MIRAgel materiaalgebrek zelf, dat al in januari 1992 bleek (Marin ea)..
Beide hoven 'verengden' de (vraag)stelling tot uitsluitend de Miragel plombe. Het reeds in het artikel van Marin ea van januari 1992 gesignaleerde materiaalgebrek werd telkens door de hoven genegeerd.
Bij het hof Arnhem-Leeuwarden speelde ook nog dat het hof onmogelijk maakte de partijdeskundige nader mondeling te ondervragen en dat de voorgestelde schriftelijke vraag door het hof werd geherformuleerd en van zijn essentie werd ontdaan.
Beide gevallen laten zien dat door de rechter gestrooide kraaienpoten en gefabiceerde sinkholes zich niet hoeven te beperken tot enkel het 'afdoen op stelplicht'.
12-6-2024
| ◄▬ | De variant | ▬► |